Study Guide

Spreken A1 Basisexamen Inburgering: zo bereidt u zich voor

Een gerichte voorbereiding op het spreekvaardigheidsonderdeel: wat het examen vraagt, hoe elk antwoord wordt beoordeeld en hoe u met twee complete oefenvoorbeelden en de officiële oefenexamens leert antwoorden die passen bij de vraag.

Updated September 20266 min readStudy GuideDutch Integration Exam
Andrew Harrison

Andrew Harrison

Dutch Integration Exam Editorial Team

Oefen voor het onderdeel Spreken vooral het direct beantwoorden van korte vragen en het inhoudelijk afmaken van zinnen, op taalniveau A1. Het examen telt 22 vragen in 30 minuten en uw antwoorden spreekt u in. U wordt beoordeeld op of uw uiting past bij de vraag en of u verstaanbaar spreekt; één goed woord kan volstaan en perfecte grammatica is niet vereist. Gebruik het officiële oefenexamen en neem uw eigen antwoorden op om terug te luisteren.

Wat het onderdeel Spreken van u vraagt

Het Basisexamen Inburgering in het Buitenland bestaat uit drie onderdelen: Kennis van de Nederlandse Samenleving, Lezen en Spreken. Voor Spreken moet u eenvoudig Nederlands kunnen spreken op taalniveau A1.

Het examen Spreken bevat 22 vragen en duurt 30 minuten. U krijgt 10 vragen waarop u antwoord geeft, en 12 zinnen die u moet afmaken. U spreekt uw antwoorden in; u schrijft niets.

Het officiële oefenexamen heeft dezelfde aantallen en taaksoorten als het echte spreekonderdeel. De officiële pagina waarschuwt ook dat het echte examen er anders uitziet. Gebruik de oefening om antwoorden in te spreken en volg bij het echte examen de instructies op het scherm.

Deze gids behandelt alleen het spreekonderdeel. Kennis van de Nederlandse Samenleving en Lezen zijn aparte examens met een eigen inhoud en voorbereiding.

Gebruikte bronnen: Leren voor het examen - Naar Nederland (DUO) — Examendelen en taalniveaus; zelfstudiepakket; Oefenexamens maken - Naar Nederland (DUO) — Sectie Spreken

Zo wordt uw antwoord beoordeeld

Elke uiting wordt beoordeeld op twee punten: adequaatheid (past het antwoord bij de vraag of zin?) en uitspraak (kunt u verstaanbaar spreken?). Beide punten geven 0 of 1.

Voor adequaatheid telt of uw uiting een voorstelbaar of passend antwoord is op de vraag, of een inhoudelijke aanvulling op de zin. Bij uitspraak telt of een geoefende luisteraar u met enige inspanning kan verstaan. Krijgt adequaatheid 0 punten, dan krijgt uitspraak ook 0.

Twee punten uit het officiële beoordelingsmodel zijn geruststellend: een uiting kan uit één woord bestaan, en een uiting hoeft niet grammaticaal correct te zijn. U hoeft dus geen lange, foutloze zinnen te bouwen.

De praktische les is tweeledig. Luister eerst goed naar wat er precies gevraagd wordt, zodat uw antwoord er echt over gaat. Spreek daarna rustig en duidelijk, ook als uw zinnen kort of eenvoudig zijn.

Gebruikte bronnen: DUO: Beoordelingsmodel Spreken A1, 10 augustus 2026 — Adequaatheid en uitspraak, video-opgaven en aanvulzinnen

Waarop u oefent en welke materialen er zijn

Oefen eenvoudige gespreksthema's op A1-niveau: uzelf voorstellen, dagelijkse activiteiten, gezondheid, werk, wonen en meedoen in de samenleving. Het officiële zelfstudiepakket bereidt u op het hele examen voor.

De thema’s zijn oefenprioriteiten, geen officieel gewogen lijst. Train het begrijpen van een korte vraag en het geven van een passend antwoord. Eigen ervaringen kunnen helpen ideeën te vinden. Het beoordelingsmodel toetst passendheid en verstaanbaarheid; deze gids voegt daar geen verplicht persoonlijk levensverhaal aan toe.

Voor de voorbereiding is er het zelfstudiepakket van Naar Nederland. U kunt het kopen voor 25 euro, of gratis downloaden als u een computer met internet heeft. Er zijn ook online lessen (e-learning) waarvoor u eerst een account aanmaakt. Het pakket is er in veel talen en ook geschikt als u nog niet kunt lezen en schrijven.

Gebruikte bronnen: Leren voor het examen - Naar Nederland (DUO) — Examendelen en taalniveaus; zelfstudiepakket

Oefenvoorbeeld: een vraag over het weekend beantwoorden

Bij een open vraag geeft u het antwoord in één eenvoudige zin en voegt u gerust een detail toe zoals een tijd of plaats. Dit voorbeeld laat zien hoe dat eruitziet.

Dit is een originele oefening met een fictieve persoonskaart, geen officiële examenvraag. Gebruik alleen de gegeven informatie om de vraag over Sanne te beantwoorden.

Oefenvoorbeeld

Lees deze persoonskaart: Sanne is 34 jaar en woont in Rotterdam. Ze werkt in een bakkerij. In het weekend fietst ze op zaterdagochtend in het park. Vraag: 'Wat doet Sanne in het weekend?' Spreek uw antwoord hardop in voordat u verder leest.

Bekijk het voorbeeldantwoord

Sanne fietst op zaterdagochtend in het park.

Het antwoord noemt wat Sanne doet en voegt tijd en plaats uit de kaart toe. “Fietsen” kan als passend en verstaanbaar antwoord ook volstaan. De volledige zin toont hoe u de informatie kunt verbinden; zij garandeert geen hogere score. Uw uitspraak kan met alleen deze tekst niet worden beoordeeld.

Gebruikte bronnen: DUO: Beoordelingsmodel Spreken A1, 10 augustus 2026 — Adequaatheid en uitspraak, video-opgaven en aanvulzinnen

Oefenvoorbeeld: een zin mondeling afmaken

Een aanvulling moet bij het begin van de zin passen. Zoek naar een handeling die samen met dat begin begrijpelijk is.

Dit is ook een studievoorbeeld, geen officiële examenvraag. Aanvulzinnen oefent u door de zin hardop te zeggen en direct door te praten.

Oefenvoorbeeld

Originele mondelinge oefening. De bibliotheek leent boeken uit. Maak de zin af: “Ik ga naar de bibliotheek om ...” Spreek eerst zelf een passend einde in en vergelijk het daarna met de voorbeelden.

Bekijk het voorbeeldantwoord

Mogelijke aanvullingen: “een boek te lenen” of “een boek terug te brengen”. Een los antwoord als “omdat gisteren blauw” vormt hier geen begrijpelijke aanvulling.

Om leidt hier een doel in. Een boek lenen of terugbrengen is een begrijpelijk doel bij een bezoek aan de bibliotheek. De losse woorden in het laatste voorbeeld maken de bedoeling niet duidelijk. Het gaat bij de A1-beoordeling om passende inhoud en verstaanbaarheid; een grammaticale fout alleen betekent niet automatisch nul punten.

Gebruikte bronnen: DUO: Beoordelingsmodel Spreken A1, 10 augustus 2026 — Adequaatheid en uitspraak, video-opgaven en aanvulzinnen

Oefenen met het officiële oefenexamen en uw eigen opnames

Maak het officiële oefenexamen Spreken op een computer met microfoon of headset. Neem daarnaast optioneel uw eigen antwoorden op om terug te luisteren naar vraaggerichtheid en verstaanbaarheid.

Het officiële oefenexamen heeft in totaal 22 vragen in 30 minuten: 10 antwoordvragen en 12 aanvulzinnen. Gebruik een desktop of laptop met internet en een microfoon of headset. U hoort de vragen en spreekt uw antwoorden in.

Na het oefenexamen Spreken kunt u niet zien welke vragen u goed hebt beantwoord. Beoordeel uzelf daarom op de twee punten uit het beoordelingsmodel: ging uw antwoord over de gestelde vraag of zin, en was u verstaanbaar?

Een handige extra oefenvorm (eigen advies, geen examenvereiste): kies per dag één thema, stel uzelf een paar vragen in verschillende formuleringen en neem uw antwoorden op zonder uitgeschreven tekst. Luister dezelfde dag terug. Leer vooral geen teksten uit het hoofd, want bij een anders geformuleerde vraag klopt zo'n tekst niet meer. Korte antwoorden mits verstaanbaar zijn prima; dat volgt uit het beoordelingsmodel.

  • Desktop of laptop met internetverbinding voor het oefenexamen.
  • Microfoon op de computer, of een headset met microfoon.
  • Antwoorden inspreken, niet typen.
  • Terugluisteren op twee vragen: past het antwoord bij de vraag, en is het verstaanbaar?

Gebruikte bronnen: Oefenexamens maken - Naar Nederland (DUO) — Sectie Spreken; DUO: Beoordelingsmodel Spreken A1, 10 augustus 2026 — Adequaatheid en uitspraak, video-opgaven en aanvulzinnen

Na het examen: uitslag en geldigheid

U krijgt de uitslag per e-mail of brief van DUO. Een gehaald examenonderdeel is onbeperkt geldig. Nadat u alle drie de onderdelen hebt gehaald, heeft u één jaar om de mvv aan te vragen.

Hebt u alle drie de onderdelen (Kennis van de Nederlandse Samenleving, Lezen en Spreken) gehaald, dan kunt u een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aanvragen. Dat doet u zelf, of uw referent doet het; de referent is degene bij wie u in Nederland gaat wonen. De aanvraag moet binnen één jaar nadat u alle drie de onderdelen haalde worden ingediend.

Wacht u langer dan een jaar, dan moet u het hele basisexamen opnieuw doen. De uitslag-e-mail of -brief met pdf kunt u printen en bij de mvv-aanvraag voegen. Na aankomst in Nederland volgt een verplicht gesprek bij de gemeente over hoe u verder inburgert.

Gebruikte bronnen: Na het examen - Naar Nederland (DUO) — Mvv-aanvraag en geldigheid van de uitslag

Gebruikte bronnen

Feiten gecontroleerd tegen officiële DUO-bronnen:

Volgende stappen

FAQ

Frequently Asked Questions

Practical answers to help you apply the guidance for Basisexamen Inburgering in het Buitenland - Spreekvaardigheid.

Is een kort antwoord van één woord toegestaan?
Ja, mits het past. Het officiële beoordelingsmodel zegt dat een uiting uit één woord kan bestaan en niet grammaticaal correct hoeft te zijn. Voorwaarde is wel dat het antwoord inhoudelijk bij de vraag of zin hoort en verstaanbaar is uitgesproken.
Is Spreken hetzelfde als het kennisonderdeel over de Nederlandse samenleving?
Nee. Kennis van de Nederlandse Samenleving, Lezen en Spreken zijn drie afzonderlijke onderdelen van het basisexamen. Spreken toetst eenvoudig gesproken Nederlands op A1; KNS toetst kennis over Nederland.
Waar maak ik het officiële oefenexamen?
Op de oefenexamens-pagina van Naar Nederland. U hebt een computer met internet en een microfoon of headset met microfoon nodig. Onthoud dat het echte examen er anders uitziet dan het oefenexamen en andere vragen bevat, en dat u bij Spreken na het oefenexamen niet ziet welke vragen goed waren.

Keep Reading

Related Study Guides

Explore related guides and preparation topics.